Praktijkcasus Questaanpak

Opdracht Didactische Aanpak
De didactische werkwijze van de Questaanpak van het A Ronald Holst College kenmerkt zich onder andere door het werken in blokken (dagdelen). Er worden geen vakken gegeven in lesuren van 50 of 70 minuten, maar de inhoud van vakken wordt gecombineerdbinnen verschillende opdrachten. Leerlingen worden uitgedaagd om over een vraag na te denken en te onderzoeken hoe iets in elkaar steekt. Daarbij maken ze gebruik van verschillende vakgebieden.

Een voorbeeld is een vraag over de snelheid van marathon lopers die juist wel of geen epo hebben gebruikt. Om deze vraag op te lossen hebben leerlingen biologie, natuurkunde en technische kennis nodig. Dit valt onder de noemer vakoverstijgend leren. Door leerlingen te vragen om iets te onderzoeken worden ze uitgedaagd om het hele vraagstuk onder de loep te nemen. Zo hebben ze controle over hun eigen leerproces.

Leerlingen leren op deze manier plannen en organiseren, ze leren welke vragen ze moeten stellen, ze leren waar ze informatie kunnen vinden, ze leren terug te blikken op wat ze geleerd hebben en ze leren te controleren of er nog wat aan hun resultaat ontbreekt. Lessen volgen bij een vakdocentis facultatief. Leerlingen kunnen kiezen om een workshop over een bepaald vakgebied te volgen om bijgespijkerd te worden in hun kennis. Er zijn in principe 2 docenten op 50 leerlingen.

Pedagogische Aanpak
Leerlingen raken gemotiveerd doordat ze zelf de controle over hun leerproces krijgen. Dit draagt bij aan een goede werksfeer. Een kanttekening hierbij is dat er wel worden geselecteerd aan de poort. Er wordt gekeken naar de motivatie van de leerlingen en de mening van de ouders, omdat de school er zeker van wil zijn dat men echt achter deze vorm van onderwijs staat.

Er wordt veel nadruk gelegd op samenwerking tussen leerlingen. Dit stimuleert het empatisch vermogen. Leerlingen leren door samenwerken wat hun persoonlijke kwaliteiten zijn en de creativiteit wordt bevordert.

Om zorg te dragen voor een veilige omgeving wordt er gewerkt met mentorgroepjes / coachgroepjes van een docent en een aantal leerlingen. Deze leerlingen leren elkaar en de docent goed kennen, waar nodig kunnen ze hun verhaal bij elkaar kwijt. De coach is buiten het bij elkaar houden van de groepjes verantwoordelijk voor de voortgang van elke leerling in zijn/haar coachgroepje en zorgt dan ook voor interactie met de leerling hieromtrent. Dit zorgt buiten een stuk sociale interactie ook voor een stukje controle in de voortgang.

De leerpsycholoog, theorie of stroming die is te herkennen in de aanpak van de school.
In de aanpak van 'Quest' is duidelijk het sociaal-constructivisme te herkennen, met als kenmerkende leerpsycholoog Jean Piaget.Het sociaal-constructivisme benadrukt de actieve rol van de leerling bij het verwerven van kennis en vaardigheden. Volgens de theorie leren kinderen beter wanneer er interactie plaatsvindt dan wanneer er directe kennisoverdracht is door een docent. Sociale processen spelen hierbij een belangrijke rol.

Dit is precies wat er binnen 'Quest' gebeurt. Mark Manders, teamleider onderbouw: 'Leerlingen gaan onderzoeken doen, ze onderzoeken zelf vragen en doen presentaties.' Een ander voorbeeld van interactie is de manier waarop de leerlingen Engels en Frans krijgen binnen Quest. De talen worden gegeven in dagdelen, waarbij kinderen helemaal 'ondergedompeld' worden in de taal. Dit gebeurt op een heel interactieve manier. Monique Hoens, sectordocent taal: 'Kinderen zijn keihard aan het werk tot en met het eind van het jaar. Heel erg enthousiast, heel gemotiveerd om te leren.'

Piaget zegt 'voor de meeste mensen betekent onderwijs 'het kind proberen op te leiden tot een kopie van een typische volwassene in de huidige maatschappij'. Maar voor mij betekent onderwijs 'het maken van scheppers'. Je moet ontwerpers maken, vernieuwers, geen conformisten.' Dit bereik je door leerlingen zoveel mogelijk hun eigen leren te laten vormgeven. Dit is precies wat er binnen 'Quest' gebeurt. Op de website staat: Quest is een leerlinggerichte vorm van onderwijs waar het uitdagen van de leerling centraal staat: de leerling krijgt de vrijheid om grotendeels zijn eigen leertraject te kiezen op weg naar van tevoren duidelijk vastgestelde einddoelen. Daarbij kan een leerling grotendeels zelf bepalen in hoeverre hulp wordt gevraagd van de vakdocent. In de praktijk betekent dit dat de hulp die een leerling krijgt aansluit bij zijn persoonlijke behoefte. De vakdocent blijft nadrukkelijk eindverantwoordelijk!’

Leerlingen en docenten zijn zich hier bewust van:
Yara, leerling: '… dat je zelf mag bepalen hoe en wanneer je leert.'

Arnoud Brouwer, sectordocent taakvakken: 'Ik merk in mijn lessen dat als je kinderen keuzes aanbiedt, dat ze dan ook gemotiveerd zijn. En als je kinderen iets oplegt, van 'je moet op die manier leren,' dan zie je dat een aantal kinderen afhaakt'

Wout, leerling: 'Je kan je eigen manier van leren kiezen, daardoor wil je ook echt leren. Het verveelt je niet, je kan altijd kiezen om het op jouw manier te doen.'

Toch is het onderwijs niet alleen vraaggestuurd. Loes Lauteslager, rectrix: 'Je moet een vangnet hebben. Ik geloof niet in puur vraaggestuurd onderwijs, alleen maar vanuit de leervraag van de kinderen. Want dan zou het wel heel toevallig zijn dat net de kennis die ze zich eigen moeten maken langskomt.' De kennis wordt getoetst in een repeterende kennistoets. Daarbij kunnen de leerlingen zien wat ze al weten, de rest moet nog geleerd worden. Mark Manders: 'En dan kan je leren op verschillende manieren. Je kunt leren door workhops te volgen, je kunt leren door zelf informatie op te zoeken en je kunt leren door bepaalde prestaties te doen.'

Piaget gelooft dat het gunstig is voor de ontwikkeling van een kind wanneer er geleerd wordt in een symmetrische relatie, waarin iedereen evenveel inbreng heeft. Wanneer de leraar meer macht heeft dan de leerling is de kennis die wordt overgedragen inflexibel en star. Wanneer er sprake is van 'collegialiteit' is de ontstane kennis open, flexibel en ontstaan door de logica van argumenten, anders dan dat het is vastgesteld door een autoriteit. Binnen Quest wordt er op zo'n manier geleerd. Arnoud Brouwer: 'Aan het einde van elk blok vullen de leerlingen in waar zij staan op de verschillende leerlijnen. Dat doen de docenten ook, en dat gaan we vergelijken. En die verschillen zijn handvaten voor gesprekken.'


Wat vinden wij van deze school;
De methode is goed doordacht en uit de resultaten van de leerlingen in de bovenbouw blijkt dat deze vorm van onderwijs aansluit. De voorselectie van de leerlingen lijkt ons essentieel. Leerlingen moeten vanuit zichzelf al een aantal kwaliteiten beschikken (zoals een basisvermogen tot samenwerken en een stevige eigen motivatie en nieuwsgierigheid) om het in deze onderwijssetting te redden. Wij zijn wel benieuwd wat er gebeurt wanneer een leerling, ondanks de voorselectie, toch buiten de boot dreigt te vallen. We denken dan ook met name aan leerlingen waar anderen (om allerlei redenen) niet mee samen willen werken. Het lijkt dat de pedagogische aanpak binnen de school hier meestal wel uitkomst voor zal geven. De vaardigheden die de leerlingen opdoen zijn in elk geval erg relevant voor hun verdere ontwikkeling (studie en werkzaamheden daarna).

Echter, de vrijheid die leerlingen krijgen tijdens bovengenoemde lesvorm vergt veel verantwoordelijkheid en discipline van de leerlingen. Het is niet vanzelfsprekend, dat elke leerling met deze vrijheid om kan gaan. Daarom is het belangrijk dat de groepscoach/mentor de leerlingen hierin goed kan begeleiden. Hiervoor is overzichtelijkheid erg belangrijk. Klaslokalen en praktijkruimtes zullen overzichtelijk ingedeeld moeten worden, zodat de coach altijd zicht kan houden op de voortgang van de leerlingen tijdens de lessen. Ook is het houden van voortgangsgesprekken essentieel voor overzichtelijkheid en het bewustzijn van de leerling met betrekking op de aangeboden lesstof en de competenties die daaraan gekoppeld zijn.



Bronnen:
http://en.wikipedia.org/wiki/Jean_Piaget

http://nl.wikipedia.org/wiki/Constructivistisch_onderwijs

http://educatie-en-school.infonu.nl/methodiek/60146-sociaal-constructivisme-in-de-klas.html

http://www.natuurlijkleren.net/?page_id=249